Lang gelden was er helemaal geen geld. Mensen deden toen aan ruilhandel. Als je bijvoorbeeld goed was in pottenbakken, maar je weefgetouw was op, dan ruilde je een pot voor bijvoorbeeld een broek of een kleed. Tegenwoordig wordt er nog steeds wel geruild. Vooral door kleine kinderen maar volwassenen ruilen ook nog wel eens. Kinderen ruilen vooral voetbalplaatjes, knikkers en pakjes drinken. Ruilen is een hele goede manier om iets te krijgen wat je wilt zonder er geld voor uit te hoeven geven. Het enige wat je ervoor nodig hebt is iets dat je niet nodig hebt of iets dat je wel op wilt offeren voor hetgeen dat je graag wil hebben. 

Later werd er al betaald met stukjes goud of zilver. Dit was niet altijd even handig en snel. De stukjes en brokjes moesten altijd gewogen worden dus dit schoot niet erg lekker op. Hierna begonnen mensen zeldzame munten en figuren maken die bestonden uit zilver of goud. Omdat deze zeldzaam waren en er dus maar weinig van waren, wilden mensen ze graag bezitten. Je kon deze edelmetalen goed als geld gebruiken. Het had de juiste eigenschappen: het is kostbaar en duurzaam. Het roest niet snel, het ging niet snel kapot en er hing een bepaalde waarde aan. Mensen waren niet erg eerlijk met deze munten en begonnen er zelf stukjes af te halen. Hierom, en ook omdat goud en zilver best zeldzaam was, begonnen mensen al snel geld te maken van andere metalen. Bijvoorbeeld brons, koper of messing. Het metaal is zelf niet meer van hoge waarde. De munt van nu draagt de waarde die er op aangegeven staat. 

Tegenwoordig moet je hard werken voor je geld. Hoeveel geld je verdient op je werk hangt af van een paar factoren. Bijvoorbeeld wat je functie is, hoeveel ervaring je hebt, hoe hoog je bent opgeleid en natuurlijk je leeftijd. Met deze gegevens wordt een salarisberekening gemaakt waarmee ze het bedrag bepalen. Vroeger moest alles op papier maar nu kan je door middel van online salarisadministratie al je uren bijhouden. 

http://www.cbbs.nl